Boekentafel
 Winkelwagentje
 • brochures
 • internationaal brochures
 • stickers
 • traktaten


Echte liefde



All You Need Is Love« (»Alles wat je nodig hebt is liefde«). Dit is een van de bekendste titels van de Beatles uit 1967. Als ze over Gods liefde hadden gezongen, zou het waar zijn. Maar dat wat onze moderne cultuur onder liefde verstaat is helemaal geen echte liefde; het is een dodelijke vervalsing. Deze liefde is alles behalve »alles wat je nodig hebt«, ze is iets dat je onder alle omstandigheden moet zien te vermijden.

De apostel Paulus wijst in Efeze 5:1-3 (HSV) precies dit punt aan. Hij schrijft: »Wees dan navolgers van God, als geliefde kinderen, en wandel in de liefde, zoals ook Christus ons liefgehad heeft en Zichzelf voor ons heeft overgegeven als een offergave en slachtoffer, tot een aangename geur voor God. Maar ontucht en alle onreinheid of hebzucht, laten die onder u beslist niet genoemd worden, zoals het heiligen past«.

De eenvoudige aanwijzing in vers 2 (»en wandel in de liefde, zoals ook Christus ons liefgehad heeft en Zichzelf voor ons heeft overgegeven«) is een samenvatting van de hele morele opdracht van een christen. Uiteindelijk is Gods liefde het enige centrale principe dat de gehele plicht van een christen definieert. Deze soort liefde is werkelijk »alles wat je nodig hebt«. In Romeinen 13:8-10 (HSV) staat: »Wees niemand iets schuldig dan elkaar lief te hebben; want wie de ander liefheeft, heeft de wet vervuld. Want dit: U zult geen overspel plegen, u zult niet doden, u zult niet stelen, u zult geen vals getuigenis geven, u zult niet begeren, en welk ander gebod er ook is, wordt in dit woord samengevat, namelijk hierin: U zult uw naaste liefhebben als uzelf. De liefde doet de naaste geen kwaad. Daarom is de liefde de vervulling van de wet«. Galaten 5:14 herhaalt dezelfde waarheid: »Want de hele wet wordt in één woord vervuld, namelijk hierin: U zult uw naaste liefhebben als uzelf.« Op dezelfde manier heeft Jezus geleerd dat de hele wet en de profeten van twee eenvoudige principes van liefde afhangen – van het eerste en tweede hoogste gebod (Mattheüs 22:38-40). Met andere woorden: »De liefde is de band van de volmaaktheid« (zie Colossenzen 3:14).

Als Paulus ons vermaant om in de liefde te wandelen, laat de context zien dat hij er positieve woorden voor gebruikt om vriendelijk en meevoelend te zijn en anderen te vergeven (Efeze 4:32). Het voorbeeld voor zo'n onzelfzuchtige liefde is Christus die Zijn leven gegeven heeft om Zijn volk van zijn zonden te redden. »Niemand heeft een grotere liefde dan deze, namelijk dat iemand zijn leven geeft voor zijn vrienden« (Johannes 15:13). En: »Geliefden, als God ons zo liefhad, moeten ook wij elkaar liefhebben« (1 Johannes 4:11). Met andere woorden: ware liefde is altijd opofferend, zichzelf overgevend, barmhartig, belangstellend, begripvol, vriendelijk, ruimhartig en geduldig. Deze en vele andere positieve, welwillende eigenschappen (vgl. 1 Corinthe 13:4-8) brengt de Bijbel met goddelijke liefde in verband.

Maar let ook op de negatieve kant die we in de context van Efeze 5 opmerken. De persoon die anderen werkelijk liefheeft zoals Christus ons liefheeft, moet iedere soort vervalste liefde afwijzen.

De apostel Paulus haalt enkele van deze satanische vervalsingen aan. Dat zijn immoraliteit, onreinheid en begeerte. In deze bijbeltekst staat verder: »en evenmin oneerbaarheid, dwaze praat en lichtzinnige taal, die onbehoorlijk zijn; maar veelmeer past dankzegging. Want dit moet u weten, dat geen enkele ontuchtpleger, onreine of hebzuchtige, die een afgodendienaar is, een erfdeel heeft in het Koninkrijk van Christus en van God. Laat niemand u verleiden met inhoudsloze woorden, want om deze dingen komt de toorn van God over de kinderen van de ongehoorzaamheid. Wees dan hun metgezellen niet« (verzen 4-7, HSV).

 

Immoraliteit is in onze generatie waarschijnlijk het lievelingssurrogaat voor echte liefde. Paulus gebruikt het Griekse woord porneia, dat voor alle soorten seksuele zonden staat. De moderne cultuur probeert wanhopig de scheidslijn tussen waarachtige liefde en immorele hartstocht uit te poetsen. Maar iedere immoraliteit is een totale perversie van echte liefde, omdat ze bevrediging voor zichzelf zoekt in plaats van het goede voor de ander.

 

Onreinheid is een andere duivelse verdraaiing van liefde. Hiervoor gebruikt Paulus de Griekse uitdrukking akatharsia wat op allerlei soort schaamteloosheid en onreinheid slaat. Paulus heeft hierbij »obsceen en dom gepraat« en »insinuaties« op het oog die vooral in goddeloos gezelschap te vinden zijn. Deze soort gemeenschap heeft niets met echte liefde te maken en Paulus zegt duidelijk dat er geen plaats voor mag zijn in het leven van een christen.

 

Hebzucht is nog een vervalsing van liefde die voortkomt uit een op zichzelf verliefde begeerte. Dat is precies het tegenovergestelde van het voorbeeld dat Christus ons gegeven heeft, toen Hij »Zichzelf voor ons gaf« (vers 2). In vers 5 stelt Paulus hebzucht gelijk met afgodendienst. Ook die mag in het leven van een christen geen plaats innemen en volgens vers 5 zal een hebzuchtig mens nooit »het Koninkrijk van Christus en God beërven.«

Van zulke zonden, zegt Paulus »mag onder u zelfs geen sprake zijn, zoals het heiligen betaamt« (vers 3). Over hen die zulke dingen praktiseren zegt hij: »Doet dan niet met hen mede.«

We betonen geen echte liefde als we ons niet distantiëren van al die favoriete vervalsingen van de liefde. Al het gepraat over liefde in onze tijd negeert dit principe. Men heeft het begrip »liefde« opnieuw gedefinieerd. En weliswaar als vrijplaats waar de zonde ruimhartig door de vingers wordt gezien en waar men het kwade evenals het goede tolereert. Dat is geen liefde.

Zo is Gods liefde nooit. Houd steeds voor ogen: de hoogste openbaring van de liefde van God is het kruis waar »Christus u heeft liefgehad en Zich voor ons heeft overgegeven als offergave en slachtoffer« (vers 2).

Bijgevolg verklaart de Bijbel Gods liefde als uitdrukking van de overgave, genoegdoening voor de zonde en verzoening: »Hierin is de liefde, niet dat wij God liefgehad hebben, maar dat Hij ons heeft liefgehad en zijn Zoon gezonden heeft als een verzoening voor onze zonden« (1 Johannes 4:10). Met andere woorden: God heeft om Zijn toorn af te wenden Zichzelf tot offer gemaakt. In plaats van onze zonden te tolereren en niet serieus te nemen, heeft God Zijn Zoon als zoenoffer voor de zonde overgegeven. God deed dit »om zijn rechtvaardigheid te tonen, in de tegenwoordige tijd, zodat Hijzelf rechtvaardig is, ook als Hij hem rechtvaardigt, die uit het geloof in Jezus is« (Romeinen 3:26).

Dat is de kern van het evangelie. God openbaart Zijn liefde op een manier die Zijn heiligheid, Zijn gerechtigheid en Zijn rechtschapenheid zonder compromis recht overeind houdt. Ware liefde »is niet blijde over ongerechtigheid, maar zij is blijde met de waarheid« (1 Corinthe 13:6). Tot een leven in deze liefde zijn we geroepen.

John MacArthur